RIVM heeft kaliuminname en risicogroepen voor hyperkaliëmie in kaart gebracht

RIVM heeft kaliuminname en risicogroepen voor hyperkaliëmie in kaart gebracht

16 april 2015 Uit Door Majorie Former

Het is vrijwel onmogelijk om via voeding te veel kalium binnen te krijgen. Maar er zijn wel bepaalde groepen, zoals patiënten met ernstige nierschade, die risico lopen op een verhoogd kaliumgehalte in het bloed (hyperkaliëmie). Zij zijn gebonden aan een kaliumbeperkt dieet. Ernstige hyperkaliëmie kan hartritmestoornissen, een acute hartstilstand of spierverlammingen veroorzaken. Het RIVM bracht in opdracht van het ministerie van VWS de beschikbare gegevens over de kaliuminname in Nederland en de potentiële risicogroepen voor hyperkaliëmie in kaart.

Aanleiding voor dit onderzoek is dat Nederlanders te veel zout binnenkrijgen. Gestimuleerd door het Nederlandse beleid om dit te verbeteren heeft de voedingsmiddelenindustrie aangegeven de hoeveelheid zout in de vorm van natriumchloride in producten te verlagen. Dit kan het risico op hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten verkleinen. Een van de methodes om het zoutgehalte in producten te verlagen is het gebruik van zoutvervangers, zoals kaliumchloride. 
 
Kalium
Kalium is een mineraal dat een gunstig effect heeft op de bloeddruk omdat het het bloeddrukverhogende effect van natrium (NaCl, ‘keukenzout’) tegenwerkt. Belangrijke bronnen van kalium zijn groente en fruit, aardappelen en vlees. De gemiddelde kaliuminname in Nederland ligt iets lager dan de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid. Het is vrijwel onmogelijk om via voeding te veel kalium binnen te krijgen en de bijdrage van supplementen aan de totale kaliuminname is minimaal. Bij gezonde personen wordt bijna al het ingenomen kalium weer uitgescheiden via de nieren. Een te hoge kaliuminname komt hierdoor weinig voor. 

Risico op hyperkaliëmie
Wel zijn er groepen die risico lopen op een verhoogd kaliumgehalte in het bloed (hyperkaliëmie), zoals patiënten met ernstige nierschade. Bij deze personen wordt het kaliumgehalte in het bloed nauwkeurig gemonitord en zij staan onder begeleiding van een diëtist om de kaliuminname te beperken. Andere groepen zouden mogelijk risico kunnen lopen op hyperkaliëmie door een combinatie van factoren. Het gaat dan bijvoorbeeld om mensen die niet weten dat ze een verstoorde nierfunctie hebben, en daarnaast veel kalium via supplementen binnenkrijgen of tegelijkertijd bepaalde medicijnen gebruiken, zoals ACE-remmers (tegen hartklachten) of kaliumsparende diuretica (‘plaspillen’). Hoe groot dit risico is tegen de achtergrond van de huidige kaliuminname in Nederland, is op basis van de huidige gegevens niet te zeggen. Hiervoor is verder onderzoek nodig.

Bron:www.rivm.nl
Rapport

Dit bericht delen